
Dorsploeg Emst in actie op filmlocatie
· leestijd 2 minuten AlgemeenEMST- “Stilte graag”, roept de opnameleider, met daarop volgend “actie”. De camera begint te draaien, figuranten zetten zich in beweging. De speelfilm Hanneke en Fieke wordt opgenomen en speelt op een oude boerderij in 1942 in Doorn. Het wordt een jeugdfilm over twee meisjes van zes jaar, waarvan één van Joodse afkomst. Zij duikt onder op deze plek.
Aan het eind van het erf staat een dorsmachine. Leo Zandvliet is rekwisiteur en verzamelt alle spullen die er nodig zijn om deze film te maken zodat het boerenleven in 1942 nagebootst wordt: “Op Google zocht ik naar een dorsmachine en zo kwam ik bij de facebookpagina ‘Dorsploeg Emst’ terecht. Ik zocht contact en er was gelijk een klik. Ik kon een dorsmachine lenen.” De keuze valt op de dorsmachine en tractor van Johan Pannekoek. Het is een hele organisatie. Ben Doorn (voorzitter van de dorsploeg) heeft veel contact met Leo, met andere mensen van de film en houdt iedereen van de dorsploeg op de hoogte. Er wordt een dieplader geregeld bij de firma Herms om de dorsmachine en tractor over de snelweg naar Doorn te kunnen brengen. Johan last een onderdeel aan zijn tractor zodat hij de dorskast op de dieplader kan duwen in plaats van dat hij deze erop moet trekken. Johan: “Dan heb je last van de knik die de machines maken en dan schaaft de dorsmachine over de bodem. Dat moeten we niet hebben.” Men wil bij de film ook graag een aantal figuranten. Foto’s worden opgestuurd en Bertus Drost (de oudste van het stel), Stefan Meekelenkamp (de jongste) en Berend Jonker worden gekozen om de dorsmachine te bedienen en ook Hettie Rensink (de enige vrouw) wordt er uitgepikt en krijgt de rol van boerin. Afgelopen weekend werd de dorsploeg met een dieplader naar Doorn gebracht en ging de ‘dorsploegfamilie’ ook naar de set. De vier figuranten worden daar klaargemaakt voor de film. De mannen krijgen speciale boerenkleding uit die tijd en hun handen worden alvast vies gemaakt. De enige vrouw krijgt krullen in haar haar, met veel lak en spelden zodat het de hele dag redelijk op zijn plaats blijft zitten. Er zijn extra vier man mee, Gerben de Graaf, Ferdinand Meekelenkamp, Ben Doorn en Johan Pannekoek ter ondersteuning en voor het opbouwen van de dorsmachine. Gerben: “Dit had ik niet willen missen, wat is er veel te zien. Wat doen er ook veel mensen aan mee. Het zijn er behalve de figuranten wel een stuk of 50!” De eerste scéne moet wel 10 keer gedraaid worden. De moeder komt met het kleine Joodse meisje op de fiets aan, er loopt een man met een koe over het erf, de kippetjes lopen te scharrelen, de boerin loopt met jute zakken en een van de boeren loopt met melkbussen te sjouwen. Steeds weer moet dit opnieuw. Berend: “Wat is dit leuk om mee te maken, zo zie je echt hoe een film tot stand komt. Het is erg leuk om hier in mee te spelen”. De tweede scene lukt gelukkig in twee keer. In deze scene staat de dorsmachine volop te draaien en is een jongen te zien die het kleine meisjes rondrijdt in een kruiwagen. Bij de derde scene draait de dorsmachine nog steeds en klimt het kleine meisje op het hooi en staat naast Stefan op de kar. Er worden die dag veel scenes opgenomen. Ook in een schuur verderop waar de onderduikers zich bevinden. Er zijn verschillende Duitse militairen met hun auto’s als figuranten aanwezig. Op zo’n moment is het vooral wachten voor de mensen van de dorsploeg. Dan praat je veel met de andere figuranten. Het grappige is dat de meesten mensen uit de stad zijn. Ze blijken niets van het boerenleven te weten. Zo is het voor hun ook nog een leerzaam dagje. Een van de laatste scenes van die dag is een picknick op het erf. De Joodse onderduikers samen met de boeren mensen. Het is een hele leuke en gezellige scene. Men zit allemaal tegen bundels riet en drinkt thee, eet brood, eieren en kaas. Het kleine meisje deelt ijzeren mokken uit, Stefan staat kaas te snijden en Bertus en Hettie zitten samen op een zak hooi op een kruiwagen. Dan is het klaar voor de ‘dorsploegfamilie’. De filmers gaan nog even door, maar de figuranten mogen naar huis. De machines worden weer opladen en de terugreis kan beginnen. Moe maar voldaan komen ze veilig terug in Emst.






















